In de eerste maand dat de verboden uit de Europese AI Act daadwerkelijk van kracht zijn, staat deze kersverse digitale regulering meteen vol in de wind omdat zij onnodige beperkingen zou opleggen aan techbedrijven en daardoor innovatie in de weg zou staan. De nuchtere conclusie is dat dit reuze meevalt. Eigenlijk is de wet zelfs nog aan de milde kant.
Léon de Beer, senior manager Responsible AI bij KPMG
De Artificial Intelligence Act van de Europese Unie (ook bekend als de EU AI Act of de AI Act) is een wereldwijde mijlpaal in de regulering van kunstmatige intelligentie (AI). De wet verbiedt bepaalde vormen van AI-gebruik volledig en stelt voor andere toepassingen eisen aan risicomanagement, vastlegging en transparantie. Als stok om mee te slaan biedt de wet de mogelijkheid om overtreders boetes op te leggen tot maximaal € 35 miljoen of 7% van de wereldwijde jaaromzet. Vanaf 2 februari 2025 zijn de eerste verboden uit de AI Act daadwerkelijk ingegaan. Ongeveer tegelijkertijd heffen de Verenigde Staten sinds de inauguratie van Donald Trump zo ongeveer alle juridische beperkingen voor AI op, steekt China met de DeepSeek chatbots de Amerikanen naar de kroon en roepen Europese techbedrijven om deregulering. De vraag rijst dan ook of de AI Act de volgende nagel is aan de doodskist van het Europese innovatievermogen.