Sinds de Wet toekomst pensioenen een feit is, komt er veel op pensioenfondsen, -uitvoerders, -verzekeraars, vermogensbeheerders en PPI’s af. Er is bijna geen radertje in de grote pensioenmachine waaraan niets hoeft te veranderen. Hoe zorg je dat je overal aan denkt en dat het geheel toch soepel blijft draaien?
De Wet toekomst pensioenen (Wtp) moet het stelsel evenwichtiger, flexibeler, persoonlijker en transparanter maken. In het nieuwe stelsel draait alles om de waarde van de ingelegde premie op de pensioendatum, in plaats van een vooraf toegezegde uitkering. Het decennialang gebruikte Defined Benefit verandert hiermee in Defined Contribution. In het buitenland wordt de nieuwe regeling vaak geïntroduceerd naast de bestaande. In Nederland zetten we vrijwel alle bestaande pensioenrechten direct om naar de nieuwe premieregeling. Dit ‘invaren’ is een complex onderdeel van de transitie en zorgt ook voor inhoudelijke vragen, zoals: ‘Wat is een goede compensatie voor groepen belanghebbenden die nadeel ondervinden van de overgang naar het nieuwe stelsel?’.
De hele transitie heeft bijzonder veel impact op de sector. Om deze overgang beheerst te laten verlopen, moeten alle thema’s – alle ‘radartjes’ in het stelsel – stuk voor stuk maar ook integraal aangepakt worden.