Een groot Nederlands ministerie liep tegen structurele prestatieproblemen aan binnen bestaande AI-systemen. Beperkingen in de onderliggende infrastructuur en gefragmenteerde document- en kennisstromen maakten het lastig om AI-toepassingen betrouwbaar op te schalen en in te zetten voor verdere automatisering. Tegelijkertijd nam de druk toe om aantoonbaar te voldoen aan nationale en Europese AI-wet- en regelgeving rondom verantwoord en transparant gebruik van AI.
De organisatie wilde de efficiëntie van AI-systemen verbeteren, de governance versterken en aantoonbaar compliant opereren. De centrale vraag was daarmee tweeledig: hoe kan AI beter presteren en hoe wordt die verbetering duurzaam en verantwoord geborgd in de organisatie?