Wanneer incidenten rond jongeren en AI de media halen, zoals recente berichtgeving over een chatbot die gevaarlijk advies gaf, slaat de angst snel toe. Verhalen over psychoses, suïcidale gedachten of ontspoorde gesprekken maken begrijpelijk veel los. Maar achter die schrik zit een bredere ontwikkeling die we niet kunnen negeren. Jongeren wenden zich op grote schaal tot AI voor steun en advies. Volgens de Nationale AI Vertrouwensmonitor van KPMG gebruikt inmiddels twintig procent van de achttien tot vierendertigjarige AI-gebruikers voor vragen over hun mentale gezondheid.
Voor Marc van Meel, Responsible AI Lead bij KPMG, is dat percentage geen verrassing. “De drempel is laag. AI is altijd dichtbij op je telefoon en er zit geen schaamte of wachttijd aan vast”, zegt hij. Jongeren leven bovendien in een tijd van verandering waarin onzekerheden zich opstapelen. De wooncrisis, economische druk, klimaatstress en de naweeën van de COVID-19 jaren vormen samen een mentale belasting die niet eenvoudig weg te relativeren is. “De helft van de Nederlandse jongeren overweegt zelfs te emigreren. Dat zegt iets over hoe groot hun zorgen zijn.”